Gewoon

Gewoon omdat ik ze zo leuk vind, deze foto’s.

Gewoon omdat er bijna meer water uit de lucht is gekomen de laatste dagen dan dat hier achter Pinda in de zee zat.

Gewoon omdat ik eigenlijk een beetje hoofdpijn heb van de rose van gisteren. Wat dan weer niets zegt over de hoeveelheid want hoofdpijn krijg ik snel van rose of wit, al bij twee glaasjes, dat zijn wel een paar glaasjes minder dan dat er gisteren door ging. Gelukkig blijft het altijd bij een lichte hoofdpijn.

Gewoon omdat ik weer eens een beetje heimwee heb naar de zee en naar de tent en naar kamperen.

En gewoon omdat Pinda de leukste is!

Advertenties

Perenplukpet

We stonden dus op een camping met peren. En appels. En pruimen, rozebottels, abrikozen, of nu toch perziken, geel klein en glad, of misschien toch weer heel wat anders, in ieder geval lekker en leek op perzik. En Pinda vond dat reuze interessant, net zoals ze altijd de moesbak bekijkt, zo bekeek ze ook de bomen. Met van die grijphandjes, die nauwelijks bedwongen kunnen worden. Maar aan het eind mocht ze dan toch een peer plukken. Aan het eind pas anders zou ze de hele boom op Pinda hoogte leegplukken.

 

En die Pet? Een van de betere aankopen ooit en hij lijkt bijna vergroeid aan Pinda’s hoofd. Ze zijn onafscheidelijk. In Veere is de Pet van haar hoofd afgewaaid. Gillen. GILLEN. En sindsdien houdt ze hem verschrikt vast als er ook maar een briesje langs haar hoofd waait.

Zelfs tijdens het eten in Middelburg moest die opblijven. We zaten in een restaurant waar mr. Big, Pinda en ik bijna twee jaar geleden ook zaten om ons 12,5 jarig verkeringsjubileum te vieren. Toen was Pinda nog wel een stuk kleiner. Die avond zat er een meneer naast ons met donkere krullen en Pinda zat de hele avond met hem te sjansen. En dan verlegen wegkruipen als hij weer eens naar haar keek. Die meneer was er dit keer niet. Wel een hele grote pannekoek. Formaatje kind. Haja. Je ziet een stukje van haar bord, de pannekoek besloeg het hele bord. En daar was ze kreukneus-schaterlachend blij mee!

Terug….

We zijn er weer!

Snel he. Hmm. Ja. Was niet helemaal gepland. Maar het weer werkte niet helemaal mee. Zaterdag vertrokken we, zondag op maandag hadden we een soort van zondvloed op ons dak gekregen en vanaf dat moment was de wind hard. Heel erg hard. Zo hard dat we de tent met alle mogelijke haring-vastmaak-punten hadden vastgezet. En mr. Big, die zeker geen mietje is met kamperen (denk aan hele primitieve survival trektochten), vond het echt wel heel flink waaien. En al had onze tent die enorme zondvloed-achtige periode overleefd, ruimschoots hoor, we hebben een goede, hele goede tent gekocht, de tent is geen stormbestendige tent. Dus met pijn in ons hart besloten we naar huis te gaan. Maar we bergen nog niets op, als het weer ook maar even verbeterd dan gaan we meteen weer op pad.

We gingen eerst naar Veere, Zeeland. Op een staatsbosbeheer camping. Daar hebben we drie dagen gestaan. Maar het begon toch te kriebelen, de omgeving was niet helemaal nieuw meer voor ons dus we besloten om verder te gaan. Eens helemaal een kant op waar we niet snel naar toe zouden gaan. Naar Schipluiden. Tussen Schiedam en Delft. Nooit gedacht dat ik ooit in het westen vakantie zou vieren, in alle andere provincies wel maar het westen dat trok niet. En helemaal eerlijk, nog steeds niet. Maar we hadden een camping! WOW! De minpunten daar begin ik mee, je zat tussen twee drukke steden. Weinig natuur op het stuk na waar de camping zat. Achter de camping zat een spoorweg, met een druk treinschema. En als kersje op de taart, volgens mij vloog Rotterdam airport over. Tel hier bij op dat wij staatsbosbeheer campings bezoeken. In het bos. Met wc en douche maar zonder animatie team, zonder stroom, zonder tv en radio’s maar met heel veel natuur en vooral stilte. We waren dus al bijna doorgereden voor we deze camping ook maar bezocht hadden.

::Ons veldje, vanaf de tent

Toch maar even kijken. We reden erop en ik zag allemaal fruitbomen. Met hele kleine tentjes ertussen. Onze tent zou daar nooit passen. Ondanks het survival-overlevings-verleden van mr. Big kamperen we het nu met iets meer dan een zeiltje en een reddingsdeken. We liepen een bochtje om, over een pad dat duidelijk gebruikt werd door een trekker. Keken tussen de bosjes door naar een liefelijk veld. Met gieser-wildeman perenbomen en abrikozenbomen en pruimenbomen en rozebottelstruiken en picknicktafels en riet en vooral, niemand anders! Een heel veld voor ons alleen! We keken nog wat verder, zagen een bord waarop stond: zoek gerust een plekje uit en binnen een half uur stond de tent.

:: Ons veldje, andere kant

Ik zei nog, zullen we al het spul gewoon eerst binnenzetten en daarna snel even boodschappen doen? Gelukkig. Bij terugkomst stond de beheerder/ster ons op te wachten. Geen goed teken. Ze vond het heel erg maar we hadden de tent op een veld gezet waar de volgende dag een groep van 23 pubers zou komen voor een introductieweek. Of we onze tent wilden verplaatsen. Ter plekke besloten we om dan de volgende dag van de camping af te gaan, niet omdat de beheerder/ster vervelend was, verre van, ze vonden het echt heel naar, maar een vakantie tussen de pubers dat was niet ons idee van een rustige vakantie. En als we dan toch onze tent afbraken dan maar naar een andere camping.

:: Voor de tent

Balen. BALEN. Want het was daar echt mooi. Zo mooi dat alle verdere minpunten echt verbleekten. Toen we ’s avonds weer de avond binnen doorbrachten en hoopten dat onze tent niet weg zou waaien en we de voorspellingen lazen voor de verdere week besloten we toch maar naar huis te gaan.

:: Achter de tent

En zo zit ik dus weer hier te typen. We hebben het chinees eten al weer op (traditie bij thuiskomst) en de was heeft al weer de eerste lading te verwerken gehad. En nu hoop ik toch wel dat het even heel slecht weer wordt!

:: Doorkijkje

Petterdepet

Ik heb het hier al eens gehad over mijn liefde voor corduroy. Vooral dat middenmaatje corduroy, babyrib is mij te subtiel en die grote vaak te aanwezig. Ik heb het geloof ik niet eerder gehad over mijn liefde voor hoofddeksels voor kinderen. Te meer omdat Pinda niets op haar hoofd wilde hebben. Wilde, verleden tijd. En ik heb het geloof ik ook wel eens gehad over mijn liefde voor Pinda. 1+1+1=

:: Ciske Pinda de rat

Pinda heeft de laatste tijd last van de wind. Haar haartjes waaien weg zegt ze. En ze zegt dat ze hoofdpijn heeft, echt waar vraag ik dan, neej is wind door haar krijg ik dan als antwoord. Steeds en steeds vaker wil ze haar muts die aan de jas zit op. Maar ook haar pet, een roze zomerpetje dat eigenlijk niet heel bijzonder is. En vandaag vond ik dan de meest geweldige pet voor Pinda. Bij de Zeeman voor het grote fortuin van 3 euro. Ik zeg; allen naar de Zeeman.

En wat deed ik bij de Zeeman? Allemaal kleine kadootjes halen voor Pinda want we gaan bijna op vakantie en daar hoort natuurlijk een nieuw tekenblok bij nietwaar en een toverkrasblok en een nieuwe pen. Nu weet ik dat het niet slim is om op het www te verkondigen dat je op vakantie gaat maar ik heb hele goede huisoppassers, mogelijk is mijn huis nu beter beveiligd dan als ik er wel ben want mijn huisoppassers vergeten nooit om de deuren op slot te doen als ze naar bed gaan!

Boon gerelateerd vraagje

Pinda en ik hebben een vraagje, en een boel onscherpe foto’s. We lusten hier allemaal graag sperziebonen. Die staan dan ook sinds twee jaar in de moesbak en het gaat allemaal goed. Zelfs dit jaar, dat niet de boeken in gaat als goed-moestuin-jaar.

Maar mijn boon planten zijn klein. Toen ik ze plantte zei mijn vader; weet je wel hoe groot die worden? Maar niets van dat alles. Ze zijn zo’n 40 centimeter hoog. Zelfs dan geven ze flink wat bonen dus het zal aan het soort liggen denk ik. Het zijn stamslabonen Paloma, de info achterop geeft mij geen info over de hoogte van de plant.

Maar ik wil van die hoge bonen. Ik neem aan dat je dan een nog betere opbrengst hebt. Maar welke bonen moet ik dan hebben? Of ben ik helemaal dom, doe ik iets helemaal verkeerd en blijven ze door mijn toedoen zo klein? En hebben jullie ook zo de neiging om dat haar uit Pinda’s ogen te vegen, ondanks dat dat niet kan want tja, het is een foto…

Mijn gewonnen give away. MIJN.

Ik won laatst een give away bij Kim, maar wat ik won was nog niet duidelijk. Een surprise goodiebag. Leuk. Leeuuheeeuk. Maar ik wil nu weten wat de surprise dan wel niet is. Geduld is geen schone zaak bij mij. Ik parkeerde mijzelf dus onder de brievenbus en werd niet teleurgesteld!

Een lekker leuk lief linnen tasje met twee knijper popjes. En twee naakte popjes om samen met Pinda te versieren. Hoe wist Kim in hemelsnaam dat ik graag zulke knijpers wilde hebben maar ze niet kon vinden? En toen kwam er ook nog een zakje met allerlei spulletjes tevoorschijn. Een rolletje tape met aardbeitjes erop, twee speldjes met hartjes, twee rijstesnoep poppetjes, rood wit garen en allemaal leuke labeltjes, papiertjes, van die dingetjes waar een vrouw zo’n hoog piepgeluidje laat horen terwijl ze enthousiast in haar handen klapt en waarvan een man al zuchtend zegt; wat moet je daar nou weer mee. Behalve mijn man, die denkt het alleen maar want die weet dat het zeggen van zulke dingen toch tot niets leidt.

Maar toen kwam Pinda om de hoek kijken. Die zag het tasje. En de popjes. De rest niet want die wist ik net op tijd uit het zicht te krijgen. En nu ben ik mijn (MIJN) tasje kwijt, en de twee popjes. De bittere realiteit is dan dit;

Tasje met popjes voor, met tekenboek en potloden en paard erin. Nee mama, isse mijne tas. Mijne popjes. Isse mij.

Kinderarbeid

Het begon zo, eerst kreeg Pinda uitleg over hoe ze de grote boot moest besturen.

:: kijk daar, doe dan deze hendel zo, dan dat roer naar daar…

Daarna moest ze d’r opa rondroeien met die kleine peuterarmpjes.

En weer helemaal terug.

Nu vraag ik je, welke opa doet dat nu zijn kleinkind aan?

En dan nog tijdens het wegrijden zwaaien en “daaaa, mooie opa” zeggen.

Bootjewaterzon-dagje

Wat en dag wat een dag wat een dag. Een heel lekker dagje boot. En zon. En het krijgen van een rood verbrand hoofd, met extreem rode neus en een hele witte zonnebril.

We pakten alles in en gingen onderweg naar dit

Mr. Big heeft daarna heel hard gewerkt.

En ook zorgde hij ervoor dat de grotere boot niet los kon slaan.

We hebben een heel moe Pindaatje net in bed gelegd, een Pindaatje die de hele dag druk is geweest en riekt naar zonnebrand en wilde hele-dag-op-het-water haartjes heeft. Amper twee minuten in de auto en ze sliep. Vlak voor thuiskomst deed ze haar ogen open maar ik betwijfel of ze veel zag.

Verder is mijn vader over een metalen boei heen gevaren, iets waar mr. Big tot aan vandaag ruim 12 jaar het monopolie op had, maar gelukkig is de boot ook van metaal. En van de huurmaatschappij. Was er een aardig staaltje kinderarbeid (volgende keer meer) en hadden we zelfs een leuke gewonnen give away mee, daarover ook later meer. Nu ga ik eerst lekker nagenieten en rozig zijn met mijn verbrande neus. En een glaasje citroenbrandewijn cola. Hihi. Hemels.

Ik ben er nog

De tijd gaat ineens heel snel hier, het is alweer donderdag, ik snap er niets van. En ik heb zomaar niet eens elke dag geblogd. Schande.

Mr. Big is weer aan het werk gegaan vandaag. Zijn enkel is weer redelijk belastbaar al vind ik het allemaal nog wel snel gaan. Ik heb de eerste dag echt moeite moeten doen om hem op de bank te houden met zijn voet omhoog en ijs erop, hij kon toen alleen maar hinkelen. Heel gek, normaal is hij niet van de bank af te branden…

Gisteren heb ik nog even gebruik gemaakt van het feit dat ik een auto bij de deur had. Ik ben naar de kringloopwinkel geweest die een eindje verderop zit. Die is veel groter. Heel veel groter. En daar slaag ik toch elke keer weer. Nu ook;

Een heel leuk houten kinderstoeltje voor 2 euro en 50 centjes. In geweldige staat en geschilderd door iemand die wist wat hij deed. In tomatenrood. Het enige probleem is dat ik tomatenrood heel mooi vind voor tomaten maar iets minder voor meubels, ik heb in huis weinig rood. De eerste twee lagen grondverf zitten er nu op en een potje licht turquoois staat klaar. Pinda heeft heel goed geholpen, ze heeft geschuurd, poetsen noemde ze het. Daarna heeft ze goed gekeken hoe ik het stoeltje schoonmaakte met amonia, tot ze het geurtje rook, toen was ze heel snel weg. Maar terwijl ik schilderde zat ze er alweer met de neus bovenop terwijl ze steeds herhaalde ‘niet aankome, nee niet aankome, kijke met oogggg niet met vinges, apblijve van mama”. En dan toch steeds proberen om er wel aan te komen he!